Waarom ik mijn kinderen toch laat dopen

Door: Joren Vermeersch – Vier en zes jaren terug werd ik de trotse vader van twee charmante belhamels. Telkens ging dit gepaard met de nodige bubbels en een obligate daddy drink. Een doopsel kwam er niet bij aan te pas. Niet uit militant atheïstische overtuiging, zoals bij sommige van mijn vrienden wel het geval is, maar simpelweg omdat het niet ter sprake kwam en er niemand ooit naar informeerde. Zelfs mijn gelovige grootouders vroegen mij nooit wanneer we ons grut eindelijk boven de vont zouden houden. De desinteresse voor dit eeuwenoude rite de passage, nota bene het belangrijkste van alle christelijke sacramenten, was in mijn sociale kring schijnbaar totaal, wat aantoont hoe vér de secularisering al is doorgedrongen binnen de Vlaamse maatschappij.

Christus

Ironisch genoeg is het datzelfde kleine grut dat mij vandaag opnieuw met de figuur van Christus doet kennismaken. De kleuterjuffrouwen van hun school slagen er immers wonderwel in waar pastoors en pausen collectief in falen: bij mij een hervonden interesse opwekken voor de christelijke moraalfilosofie. Belhamels van vier en zes jaar hebben de kwalijke neiging om in het weekend véél te vroeg op te staan en hun ouders daarna ongevraagd te overvallen met eveneens ongevraagde informatie. Zo ook bij het krieken van afgelopen zondag. ‘Jezus is onze vriend he, papa? En ik ben ook de vriend van Jezus.’ ‘Ja, jongen’, bromde ik terug. ‘En Jezus zegt ook dat je nooit iets mag doen aan een ander kindje, of aan je broer, wat je zelf ook niet graag hebt.’ ‘Inderdaad, jongen!’, repliceerde ik al wat enthousiaster. Die kleine had hier zo maar eventjes uit de losse pols Lucas 6:31[1] geciteerd. Verrekt handig, zo dacht ik bij mezelf, zo’n ideëel personage dat mijn zonen de basisregels van beschaafd gedrag weet bij te brengen. ‘Si Dieu n’existait pas, il faudrait l’inventer’, wist Voltaire al. Ik nam de gelegenheid dan ook onmiddellijk te baat om hem nog meer nuttige vroomheid in te prenten. ‘Weet je wat Jezus nog meer zegt, jongen? Dat je niet meer kwaad mag zijn nadat broer sorry zegt[2], dat je altijd moet delen met hem[3] en dat je moet luisteren naar je papa en mama[4]. Bijvoorbeeld door nu eerst nog een beetje te gaan spelen.’

doorbraak.be

Lees verder

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s